12-03-2014: Zorgen om de zorg; zorgen voor goede zorg

Lang voordat de term mantelzorger bestond, deed ik mijn eerste ervaringen op met de zorg. Eerst betrof het mijn vader, die op 60- jarige leeftijd door een ernstige beroerte werd getroffen en later voor mijn moeder, die bij ons in hetzelfde huis woonde en de ziekte van Parkinson had. Gelukkig kon mijn moeder, in de tijd dat zij voor mijn vader zorgde, terugvallen op de wijkzuster, de professional. Ik juich het dan ook toe dat de politiek  de wijkverpleegkundige weer op waarde weet te schatten.

In de periode dat de ziekte van mijn moeder verergerde, kon zij naar het verzorgingshuis. Daar kreeg zij de professionele hulp, die ik haar niet kon bieden. Helaas worden deze tehuizen op termijn gesloten en/ of omgezet in verpleegtehuizen. Gevolg betrokken professionals verliezen hun baan, maar ook de ouderen die zorg nodig hebben, kunnen er niet meer terecht. Het is waar; de tijden zijn veranderd; we moeten de tering naar de nering zetten; de mensen zijn vitaler geworden, leven langer en kunnen ook veel langer zelfstandig wonen, al of niet met zorg aan huis. Dat hangt van de omstandigheden af, maar laat de zorg niet aan vrijwilligers over, maar aan de professionals. Die zijn er genoeg en kunnen op die manier hun werk voortzetten. Vrijwilligers kunnen op een andere manier worden ingezet. Het inzetten van schoonmaakbedrijven in plaats van de thuiszorg wijst PW 2010 af. Huishoudelijke hulp bij ouderen is meer dan schoonmaken. Er is een moment van persoonlijk contact. Als deze hulp anders wordt georganiseerd, kan het ook goedkoper.

Naast mijn eigen ervaringen als mantelzorger met geen of gebrekkige professionele ondersteuning, ken ik door mijn raadswerk veel schrijnende verhalen. Telkens weer heb ik deze onder de aandacht gebracht. Het kan immers niet zo zijn dat alleen mensen met genoeg geld goede zorg kunnen inkopen. Dat is onverteerbaar. Ook zaterdag 8 maart hoorden we tijdens het flyeren verhalen van oudere mensen die zich in de kou voelen staan. Het gaat ook vaak om mensen met alleen AOW  of soms aangevuld met een klein pensioentje. De regels laten vaak niet toe dat professionals naar eigen inzicht de juiste maatregel kunnen nemen. Waar ging het over. De echtgenote, met een zwakke gezondheid, zou voor een nacht ondergebracht moeten worden, omdat haar man in het ziekenhuis moest worden opgenomen. Er werd echter voor die ene nacht een hoteltarief gerekend.  De onzekerheid over wat nog komen gaat, maakt het er niet beter op. Ook niet voor de ouders van kinderen met ernstige problemen, die specialistische hulp nodig hebben. Er wordt nu al door de gezamenlijke Westfriese gemeenten nieuw beleid gemaakt. Dit gebeurt op bestuurdersniveau, waarbij vaak alleen nog de marktleiders op dit gebied betrokken zijn. Behalve dat er nog kleinere organisaties zijn, die de hulp veel goedkoper kunnen bieden, vinden wij dat er zoveel praktijkkennis in de regio aanwezig is, die nog niet wordt gebruikt. PW 2010 wil dan ook de belanghebbenden bij de plannen betrekken. Immers de mensen die de praktijk kennen, die er werken en de hulp ontvangen, weten wat werkt en wat niet. Dat geldt voor de zorg voor ouderen, maar ook voor die voor de jeugd.  Uit ervaring weet ik dat hoe eerder die hulp wordt ingezet des te beter het voor kind en ouders werkt, want voor niet alle kinderen geldt het recept: even naar de buren, naar ouders van vriend of vriendinnetje, of naar de trainer van de sportclub, kort gezegd “even wieberen”. Dat kan lucht geven, maar de juiste hulp op de juiste tijd, is de beste remedie en bespaart uiteindelijk kosten. Dat geldt voor iedereen die op enig moment in zijn/ haar leven professionele zorg nodig heeft of in het geval van de mantelzorger professionele ondersteuning.

Anneke van der Geest, lijsttrekker PW 2010