Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting




Passende huisvesting voor iedereen

Voor een verantwoord volkshuisvestingsbeleid is het  noodzakelijk rekening te houden met verschillende wensen en criteria. Daarom kan in onze visie de woningbouw niet meer alleen aan de markt (aannemers en ontwikkelaars) worden overgelaten. Hierbij gaat het zowel om starters op de woningmarkt (kopers en huurders), om doorstromers (van kleinere naar grotere koopwoning of van huurwoning naar koopwoning), om gescheiden mensen (vooral naar een huurwoning) en om ouderen die hun huidige tuin/woning te bewerkelijk vinden of om andere redenen naar een appartement willen verhuizen (koop of huur).
In alle gevallen moet het aanbod ook financieel aansluiten bij de mogelijkheden van de woningzoekenden. Daarom is het van groot belang dat de prijzen betaalbaar blijven. Dat geldt in belangrijke mate voor huurwoningen, maar ook voor koopwoningen voor starters. Goede mogelijkheden biedt de starterslening. Van de woningen uit de bestaande voorraad moeten goedkopere huurwoningen en woningen die qua indeling en ligging geschikt zijn of kunnen worden gemaakt voor toekomstige huisvesting van ouderen, voor de sociale woningmarkt beschikbaar blijven. De invloed die de gemeente daarop kan uitoefenen is beperkt. De in de gemeente opererende woningbouwcorporaties dienen hierin hun verantwoordelijkheid te nemen. Voor mensen die niet in aanmerking komen voor een sociale huurwoning, maar ook geen hypotheek kunnen afsluiten, dienen huurwoningen in het middensegment te worden gebouwd. Bij nieuwbouwprojecten moet ook aan deze groep worden gedacht, evenals aan semipermanent bouwen, mogelijkheden voor collectief particulier opdrachtgeverschap, andere woonvormen en tiny houses.

De huisvesting van arbeidsmigranten heeft onze aandacht. Deze mensen dienen goed te worden gehuisvest. Handhaving bij uitwassen is noodzakelijk. De leefbaarheid in de wijken en buurten mag er niet onder lijden. Dat is in niemands belang. Als de huisvesting voor arbeidsmigranten niet meer nodig is, kan deze voorziening voor andere doelgroepen worden gebruikt.

PW 2010 constateert overigens een toenemend tweeledig beleid in huisvestingsmogelijkheden voor arbeidsmigranten en andere woningzoekenden. Wij vinden dat de rechten van iedereen die zich op de woningmarkt begeeft op een zelfde manier geborgd zouden moeten zijn. Uitsluitend voor een selecte groep de huisvestingsmogelijkheden aanpassen geeft niet alleen een scheve concurrentiepositie op de woningmarkt, maar ook op de arbeidsmarkt! Het veel gehoorde argument door belanghebbende partijen (werkgevers / arbeidsmigranten) dat arbeidsmigranten ‘menswaardig’ gehuisvest moeten worden spreekt voor zich, wij gaan er van uit dat huisvesting voor iedere doelgroep altijd menswaardig hoort te zijn. PW 2010 is echter van mening dat als arbeidsmigranten marktconform en op een ‘menswaardige’ manier beloond worden, huisvesting op de reguliere markt heel goed tot de mogelijkheden zou moeten behoren.

De nieuwe Omgevingswet, die de invoering de omgevingsvergunning regelt, beoogt het aanvragen van vergunningen om te kunnen (ver)bouwen te versimpelen. PW 2010 vindt dan ook dat de uitvoering van deze wet voor burger en bedrijfsleven een merkbare verbetering moet opleveren. In verband met de inwerkingtreding van deze wet, dient de participatie van belanghebbenden en omwonenden goed te worden ingezet. Hiervoor kan gebruik gemaakt worden van de ervaringen van eerdere ingezette vormen van participatie.


Het open landschap ontzien

Bij het aanwijzen van nieuwe woningbouwlocaties moet het voor West-Friesland zo kenmerkende open landschap zoveel mogelijk worden ontzien. Hetzelfde geldt voor plekken met bijzondere cultuurhistorische of natuurwaarden. Om die reden wijzen wij woningbouw langs de Groote Vliet en in het gebied rond de Kromme Leek af en zijn wij vóór het zoveel mogelijk benutten van inbreilocaties, al dan niet in combinatie met een ruimte voor ruimte regeling (oude agrarische- of andere bedrijfsgebouwen vervangen voor woningbouw) mits dit niet leidt tot verdichting en het verdwijnen van waardevolle doorkijkjes naar het open landschap. Bij het in exploitatie nemen van nieuwe bouwlocaties vinden wij het van belang dat de gemeente de regie in handen heeft.
Bij het ontwerpen van nieuwe woonwijken moet aandacht worden besteed aan de aanwezigheid van voldoende speel- en trapveldjes. Aan de randen van een wijk zou plaats moeten zijn voor wat "ruigere speelterreinen.